Prehistorische kunst

In deze tijd hebben de Cro-Magnon-mensen het versieren van gebruiksvoorwerpen en beschilderen van rotswanden 'uitgevonden' en geperfectioneerd.

Het is uiteraard nooit met zekerheid te stellen dat wat nu wordt gevonden, alle kunst uit die tijd is. Waarschijnlijker is, dat er slechts een fractie van de ooit gemaakte kunst nog kan worden teruggevonden of al is teruggevonden.

Een veel gebruikte indeling van de bekende kunst uit het jong-paleolithicum (de nieuwe steentijd, dus de tijd van de Cro-Magnon-mensen) is de indeling in art mobilier, art parietal en art sur bloc*.

Art mobilier is een verzamelnaam voor kunstuitingen (vaak graveer- en snijwerk) op been, steen en ivoor. Vaak gaat het om versierde werktijgen of wapens.

Art parietal is de verzamelnaam voor kunstuitingen op wanden van grotten en rotsen. Belangrijk in deze is dat de kunstuitingen zijn uitgevoerd op een vaste ondergrond. Bij rotskunst zijn dat wanden en zolderingen van rotsen en inganggedeelten van grotten. Bij grotkunst gaat het om wanden en zolderingen van grotten, waar de tekeningen zijn aangebracht buiten het bereik van het daglicht.

Art sur bloc zijn kunstuitingen op steenblokken (groter dan 30 cm) en plaquettes (kleiner dan 30 cm) die in principe niet een vaste ondergrond vormen.

De grot- en rotskunst vormen het meest bekende en misschien ook wel het meest spectaculaire onderdeel van de bewaard gebleven prehistorische kunst. Twee wereldberoemde voorbeelden van grotten met grotkunst zijn de Grotten van Lascaux en van Alta Mira. Een mooi en bekend voorbeeld van rotskunst in de openlucht is Tanum in Zweden.

* Deze indeling is beschreven in 'Reisboek van Prehistorische Grotten' van Bert Schaap (Uitgeverij Fibula, Haarlem, 1982).